Eerder verschenen

M. De Boer, S.N.P. Wiznitzer, A. Vredeveldt & P.J. van Koppen (2017). De gescheurde nagel: Een alternatieve verklaring voor DNA-bewijs [The torn nail: An alternative explanation for DNA evidence]. Den Haag: Boom juridisch.

A. Vredeveldt, A. Hildebrandt, J.J. van der Kemp & P.J. van Koppen (2017). De thuishulp van het Laakkwartier: Sporen van moord, diefstal of schoonmaak [The home care lady in the Laakkwartier: Traces of murder, theft or cleaning]. Den Haag: Boom juridisch.

K. van den Doel, J. Tjebbe, K. Marouf, Ch. Edelman, G. Beijers, J. van der Kemp & P.J. van Koppen (2015). De Hoogezandse brand: Een tijdlijn als alibi [The Hoogezand fire: A time line as alibi]. Den Haag: Boom juridisch.

Danaé Stad & Peter J. van Koppen (2015). Het likkende hondje: Het onderscheid tussen moord en zelfmoord [The licking dog: The difference between murder and suicide]. Den Haag: Boom juridisch.

P.J. van Koppen (2013). Gerede twijfel: Over bewijs in strafzaken [Reasonable doubt: On evidence in criminal cases]. Amsterdam: De Kring.

O. Scherrenburg, M. van Beek, S. Jonker, N. Goldstoff, M. Hardeman, W. Luten, S. Lagerweij, A. Luijten, A. Diesfeldt, A. Das & P.J. van Koppen (2013). De Moddermoord: Over hoe een ongeval een moord werd [The Mud Murder: On how an accident turned into a murder]. Den Haag: Boom Juridische Uitgevers.

M. De Gruijter, P. van Hal, M. Maaike Kuiper, A. Ouwerkerk, C. Zick & P.J. van Koppen (2013). De Haagse kindermoorden: Bedacht bewijs van drie misdrijven [The The Hague Child Murders: Deviced evidence of three crimes]. Den Haag: Boom Juridische Uitgevers.

P.J. van Koppen (2011). Overtuigend bewijs: Indammen van rechterlijke dwalingen [Convincing evidence: Reducing the number of miscarriages of justice]. Amsterdam: Nieuw Amsterdam.

P.J. van Koppen, H. Merckelbach, M. Jelicic & J.W. de Keijser (Eds.) (2010). Reizen met mijn rechter: psychologie van het recht [Travels with my judge: Psychology of law]. Deventer: Kluwer.

H.F.M. Crombag, R. Horselenberg, P.J. van Koppen & G.J.P. Zeles (2009). Twee mysterieuze schietpartijen: Waarom vier slachtoffers dood moesten en twee het overleefden [Two mysterious shootings: Why four victims had to die and two survived]. Den Haag: Boom.

P.J. van Koppen, J.J. van der Kemp & G.W. Beijers (2009). De Warnsveldse Pompmoord ofwel de Vier van Warnsveld [The Warnsveld Petrol Murder or the Warnsveld Four]. Den Haag: Boom.

P.J. van Koppen, F.J. Fernhout & S. van Bergen (2009). Het maagdenvlies als bewijs: Tegenstrijdige verklaringen in twee incestzaken [The hymen as evidence: Contradictory statements in two incest cases]. Den Haag: Boom.

W.A. Wagenaar, H. Israëls & P.J. van Koppen (2009). De slapende rechter: Waarom het veroordelen van burgers niet alleen aan rechters overgelaten kan worden [The sleeping judge: Why convicting civilans cannot be left to judges alone]. Amsterdam: Bert Bakker.

P.J. van Koppen, & M.V. van Koppen (2009). De Appelschase Babymoord: Een misdrijf met slechts één verdachte [The Appelscha Baby Murder: A crime with just a single suspect]. Den Haag: Boom.

E. Havinga, S. Hopman, P. Melis, J. Vastenburg, M. Zeeman, M. H. Nelen, & P.J. van Koppen (2008). De dood in het Chinese restaurant: Een moord met vele verhalen [Death in the Chinese restaurant: A murder with many stories]. Den Haag: Boom.

P.J. van Koppen & M. Malsch (2008). Het praktisch nut van de rechtspsychologie [The practical use of law and psychology]. Deventer: Kluwer.

M. de Maaré & P.J. van Koppen (2006). Dissidente rechercheurs in Enschede: Tegenspraak in de opsporing [Dissenting police detectives in Enschede: On open discussions in investigations]. Den Haag: Boom.

P.J. van Koppen (2004). Paradoxen van deskundigen: Over de rol van experts in strafzaken [Paradoxes of experts: On the role of expert witnesses in criminal cases]. Deventer: Kluwer (inaugural lecture Maastricht University).

C.J. de Poot, R.J. Bokhorst, P.J. van Koppen & E.R. Muller (2004). Rechercheportret: Over dilemma's in de opsporing [Detectives; portrait: On dilemma's in police investigations]. Alphen aan den Rijn: Kluwer.

P.J. van Koppen (2003). Verankering van rechtspraak: Over de wisselwerking tussen burger, politie, justitie en rechter [Anchoring judicial decision making: On the interaction between civilians, police, presecution and courts]. Deventer: Kluwer (inaugural lecture VU University Amsterdam).

M. Vanderhallen, G. Vervaeke, P.J. van Koppen & J. Goethals (Eds.) (2003). Much ado about crime: Chapters on psychology and law. Brussel: Politeia.

P.J. van Koppen & J. ten Kate (2003). De Hoge Raad in persoon: Benoemingen in de Hoge Raad der Nederlanden 1838-2002 [The Dutch Supreme Court in person: Appointments to the Supreme Court 1838-2002]. Deventer: Kluwer.

P.J. van Koppen (2003). De Schiedammer parkmoord: Een rechtspsychologische reconstructie [The Schiedam Park Murder: A legal psychological reconstruction]. Nijmegen: Ars Aequi Libri.

P.J. van Koppen & S.D. Penrod (Eds.) (2003). Adversarial versus inquisitorial justice: Psychological perspectives on criminal justice systems. New York: Plenum.

P.J. van Koppen, D.J. Hessing, H. Merckelbach & H.F.M. Crombag (Eds.) (2002). Het recht van binnen: Psychologie van het recht [The law within: Psychology of law]. Deventer: Kluwer.

P.J. van Koppen & N.H.M. Roos (Eds.) (2000). Rationality, information and progress in law and psychology (liber amicorum Hans F.M. Crombag). Maastricht: Maastricht University Press.

P.J. van Koppen, D.J. Hessing & H.F.M. Crombag (Eds.) (1997). Het hart van de zaak: Psychologie van het recht [The heart of the matter: Psychology of the law]. Deventer: Gouda Quint.

H.F.M. Crombag, P.J. van Koppen & W.A. Wagenaar (1994). Dubieuze zaken: De psychologie van strafrechtelijk bewijs [Dubious cases: The psychology of criminal evidence]. Amsterdam: Contact (2nd revised ed.).

W.A. Wagenaar, P.J. van Koppen & H.F.M. Crombag (1993). Anchored narratives: The psychology of criminal evidence. London: Harvester Wheatsheaf.

H.F.M. Crombag, P.J. van Koppen & W.A. Wagenaar (1992). Dubieuze zaken: De psychologie van strafrechtelijk bewijs [Dubious cases: The psychology of criminal evidence]. Amsterdam: Contact.

P.J. van Koppen & H.F.M. Crombag (Eds.) (1991). De menselijke factor: Psychologie voor juristen [The human factor: Psychology for lawyers]. Arnhem: Gouda Quint.

P.J. van Koppen & D.J. Hessing (eds.) (1988). Lawyers on psychology and psychologists on law. Amsterdam: Swets & Zeitlinger.

P.A. Kottenhagen-Edzes, P.J. van Koppen & R.J.P. Kottenhagen (1988). Verslag doen van juridisch onderzoek [Reporting legal research]. Arnhem: Gouda Quint.

P.J. van Koppen & J. ten Kate (1987). Tot raadsheer benoemd: Anderhalve eeuw benoemingen in de Hoge Raad der Nederlanden [Appointed to justice: One-and-a-half century of appointments to the Dutch Supreme Court]. Arnhem: Gouda Quint.

J. ten Kate & P.J. van Koppen (1984). Determinanten van privaatrechtelijke beslissingen [Determinants of judicial decisions in civil law cases]. Arnhem: Gouda Quint (diss. Rotterdam).


J. Teunissen, L. Nietzman, J.-A. Kramer, P. Verstrepen, M. Zwanenburg, R. Nieuwkamp, A.W.E.A. De Zutter & P.J. van Koppen (in druk). Het dodelijke dienstwapen: Over bewijs van afvuren [A deadly service gun: On evidence of firing]. Den Haag: Boom juridisch.

J. Vis, K. van den Akker, L. Hoes, E. Simons, J.J. van der Kemp & P.J. van Koppen (2020). De dood van een politie-aspirant: Over interpretatie van sporen [The death of a police cadet: On interpretation of forensic traces]. Den Haag: Boom juridisch.

Op 5 juli 2005 werd politie-aspirant Jobien dood gevonden in haar appartement. De doodsoorzaak was een schot door haar hoofd. Ex-vriend en vader van haar twee kinderen, Vahid, werd direct verdachte. Volgens de offi cier van justitie vermoordde hij Jobien op maandagavond 4 juli toen hij bij haar thuis was. De kinderen stonden op dat moment te douchen. Belangrijke bewijsmiddelen in de zaak zijn schotresten, de slechte relatie van Jobien met Vahid, de houding van het lichaam van Jobien, de staat van het appartement en het meenemen van de kinderen door Vahid. Vahid werd veroordeeld. Maar wat op het eerste gezicht een sterke zaak leek, blijkt na grondige analyse een zwakke zaak van te zijn. Er is alleen indirect bewijs en er was te beperkt onderzoek naar andere scenario's gedaan. Vahid heeft altijd volgehouden dat hij de moord niet heeft gepleegd. Zou het kunnen dat hij de waarheid spreekt?


E.F.L. Maegherman, M.M. De Boer, R. Horselenberg & P.J. Van Koppen (2020). De onzichtbare steekpartij: Over strategische selectie van getuigenbewijs [The invisible stabbing: On strategic selection of witness evidence]. Den Haag: Boom juridisch.

Toen Thijs in 2012 carnaval vierde met zijn vrienden, werd hij neergestoken. Eerder op de avond was hij betrokken geraakt bij een ruzie tussen zijn vriend Sebastiaan en de opvliegende Kevin. Kevin slaagde erin om weg te rennen nadat zijn vriend Remco zich in de ruzie mengde. De ruzie mondde uit in een achtervolging van Remco door Thijs en zijn vrienden. Remco rende naar de steeg achter zijn huis, met Thijs en zijn vriend Sebastiaan vlak achter hem. Sebastiaan haalde Remco in en raakte met hem in gevecht. Toen de andere vrienden van Thijs ook de steeg bereikten, zagen ze Thijs in een struik hangen. Hij had twee steekwonden en overleed nog dezelfde avond. Niemand had gezien door wie Thijs was gestoken. In eerste instantie werd Kevin verdacht van de moord op Thijs, maar die wees Remco als dader aan. Remco zou hem de avond van de steekpartij hebben verteld dat hij Thijs had neergestoken. Remco heeft dat altijd ontkend, maar werd toch veroordeeld voor de moord op Thijs. Hoe kan het dat niemand van de betrokkenen heeft gezien wie Thijs heeft gestoken? Klopt de beschuldigende verklaring van Kevin wel?


M. Beermann, J. Fransen, S. de Korte, Z. Luisa, S. van den Nieuwendijk, E. Ruiter, L. Veenstra, M. Winniczuk, G. Beijers, A. Vredeveldt & P.J. van Koppen (2019). De PlayStation-moorden: Over bewijs van medeplegen [The PlayStation murders: About evidence of complicity]. Den Haag: Boom juridisch.

Drie mannen gingen een overval plegen op een iemand die illegaal PlayStations ombouwde. Het eindigde in een vreselijk drama. Drie mensen werden om het leven gebracht. Evert deed mee aan de overval. Dat staat niet ter discussie. Hij zegt dat hij niet wist dat de overval zo gewelddadig zou worden. En dat is van belang voor de vraag of hij medeplichtig is of niet. In dit boek wordt het bewijs precies geanalyseerd op grond waarvan kan worden beslist of Evert medeplichtig is. Of niet.


F. Crolla, H. Sijsling, L. Ykema, M. Grimberg, N. Ranzijn, A. De Zutter & P.J. van Koppen (2019). The creative carpenter: Biased presentation of evidence in a jury trial. Den Haag: Eleven.

In 1990, a duffle bag with the dismembered and beheaded remains of American model Melissa Halstead was found in a canal in Rotterdam. In 2001, the dismembered and beheaded remains of English prostitute Paula Fields were found in six bags in a canal in London. Their connection? In the time leading up to their death, both women had been seeing an English carpenter named John Sweeney. He became the only suspect in a joint Dutch and British police investigation. In 2011, John was found guilty of murdering Melissa and Paula and sentenced to life imprisonment. The conviction was not based on actual evidence but on John's sinister drawings and poems. The investigation by Project Reasonable Doubt raises many questions about the police investigation and John's conviction.

P.J. van Koppen, M. Jelicic, J.W. de Keijser & R. Horselenberg (Eds.) (2017). Routes van het recht: Over de rechtspsychologie  [Venues of the law: On legal psychology]. Den Haag: Boom Juridisch.

De rechtspsychologie gaat over het gedrag van mensen in het recht. Over getuigen en hoe zij worden ondervraagd. Over rechters en hoe zij beslissen. Over politiemensen en hoe zij misdrijven proberen op te lossen. Over verdachten en over hoe en waarom zij misdrijven plegen. In Routes van het Recht wordt die psychologie van het recht, en nog veel meer, uiteengezet aan de hand van de kennis die in het vakgebied in de afgelopen honderd jaar is verzameld. Zonder onnodig juridisch en psychologisch jargon worden vragen over herkenningen, leugendetectie, forensisch-psychologische tests, rechterlijke dwalingen en verhoren van kinderen, volwassenen en verdachten beantwoord. Het is een bijzonder naslagwerk en uitstekend geschikt als cursusmateriaal.


G. de Bruïne, A de Boer, T. Dehaene, A. Vredeveldt & P.J. van Koppen (2017). Een Rwandees kaartenhuis: Een wirwar van wankele verklaringen [A Rwandian house of cards: A maze of rocky statements]. Den Haag: Boom Juridisch.

In het voorjaar van 1994 was de wereld getuige van de genocide in Rwanda. Op 11 november 1998 vroeg de destijds 25-jarige Rwandees Joseph Mpambara asiel aan in Nederland. Hij was op de vlucht voor het aanhoudende geweld in de nasleep van de oorlog en de genocide in zijn thuisland. Volgens de Nederlandse immigratiedienst waren er 'aanwijzingen' dat Joseph bij de genocide betrokken was geweest. Na een lang en duur onderzoek werd Joseph in Nederland veroordeeld voor oorlogsmisdrijven. In 2011 kreeg Joseph van het gerechtshof Den Haag een levenslange gevangenisstraf opgelegd, hetgeen in Nederland daadwerkelijk levenslang betekent. De veroordeling was bijna volledig gebaseerd op getuigenverklaringen. Door de hoeveelheid verklaringen lijkt er op het eerste gezicht sterk bewijs te zijn tegen Joseph. Hij heeft zijn betrokkenheid bij de genocide echter altijd ontkend. In het Project Gerede Twijfel werden de getuigen zelf en hun verklaringen grondig geanalyseerd. De uitkomst blijkt anders dan men zou verwachten. Het gehele verhaal is een wankel kaartenhuis.


M.J. van Dobbe, F. Verkuijlen, L. Javanovic, M.R. Stokhof, L.L.M. Borst, Y. van Schaik, M.A.H. van Thiel, M. Willemsen, J.J. van der Kemp & P.J. van Koppen (2018). De dansende dader: Veelzeggende experimenten [The dancing killer: Telling experiments]  Den Haag: Boom juridisch.

Het was al donker toen vader en zoon de hond uitlieten in een woonwijk in Breukelen. Zij zagen een vreemde man lopen, achtervolgden hem en belden 112. Even later vonden zij in de bosjes een vrouw die ernstig was mishandeld. Zij was er zo slecht aan toe, dat ze de volgende dag overleed. De vreemde man was de verdachte, de enige verdachte die serieus werd onderzocht. Inmiddels kreeg hij vijftien jaar gevangenisstraf. Al het bewijs in zijn strafzaak kent echter problemen, blijkt uit het onderzoek van het Project Gerede Twijfel. Waar sporen zouden moeten zijn, zijn ze niet. Waar het NFI helder zou moeten rapporteren, komen er misleidende rapporten. Waar onderzoek zou moeten worden gedaan naar andere scenario's, blijft dat achterwege. De analyses en experimenten van het Project Gerede Twijfel leiden tot een nieuwe kijk op de zaak van de Dansende Dader.


Books